Waarom zijn patronen zo lastig te doorbreken?
Meer delegeren. Eerder je grens aangeven. Een lastig gesprek aangaan in plaats van uitstellen. Eerst luisteren voordat je met een oplossing komt. We weten vaak prima wat we anders zouden willen doen. Toch reageren we in vergelijkbare situaties regelmatig weer zoals we gewend zijn. Waarom is bestaand gedrag zo lastig te veranderen?
Wat we herhalen, wordt een patroon
Een groot deel van wat we dagelijks doen, vraagt weinig bewuste aandacht. Gedrag dat we vaak herhalen, wordt steeds automatischer. Onderzoek laat zien dat ongeveer 43% van ons dagelijks gedrag bestaat uit handelingen die vrijwel dagelijks in dezelfde context worden herhaald (Wood, Quinn & Kashy, 2002).
Patronen ontstaan door alles wat we meemaken. Thuis, op school, tijdens onze studie, in relaties, sport en werk. We ontdekken wat voor ons werkt en nemen dat mee. Ook naar ons werk.
Wie gewend is verantwoordelijkheid naar zich toe te trekken, doet dat ook snel in een team. Wie confrontaties uit de weg gaat, stelt dat lastige gesprek eerder uit. En wie de lat voor zichzelf hoog legt, blijft schaven waar een ander allang tevreden is.
Veel van die patronen brengen ons ver. Tot ze ons beginnen te beperken.
Grondigheid wordt perfectionisme. Betrokkenheid wordt alles zelf oplossen. Daadkracht wordt te snel gaan. Gedrag dat jarenlang goed werkte, levert ineens minder op.
En juist daar wordt het interessant: we blijven gemakkelijk doen wat we gewend zijn, ook als we inmiddels weten dat een andere aanpak ons verder brengt.
Weten is nog geen doen
Je kunt heel goed weten wat je anders wilt aanpakken. Je kunt het je ook oprecht voornemen. Toch blijkt de stap van voornemen naar daadwerkelijk ander gedrag laten zien behoorlijk groot.
Een meta-analyse van 47 experimenten laat zien dat een duidelijke verandering in intentie gepaard ging met een veel kleinere verandering in daadwerkelijk gedrag (Webb & Sheeran, 2006).
Dat is herkenbaar. Je neemt je voor om meer te delegeren en pakt het onder tijdsdruk toch weer zelf op. Je wilt eerder je grens aangeven en zegt opnieuw ja. Je weet hoe je een lastig gesprek wilt voeren en stelt het toch uit.
Onder druk worden bestaande gewoontes bovendien sterker. Onderzoek laat zien dat mensen bij stress en vermoeidheid gemakkelijker terugvallen op vertrouwd gedrag (Neal, Wood & Drolet, 2013).
Precies op de momenten waarop we ons anders willen gedragen, ligt ons oude patroon al klaar.
Bewustwording geeft keuze
Om een patroon te doorbreken, moet je het eerst herkennen. Niet alleen achteraf denken: daar deed ik het weer. Juist leren zien wat er gebeurt op het moment dat je erin schiet. Wat triggert mij? Wat doe ik vervolgens? Wat levert dat op? En brengt dit gedrag me dichter bij wat ik wil bereiken? Daar ontstaat ruimte. Bewust kiezen hoe je wilt handelen.
Dat betekent niet dat je een kwaliteit hoeft af te leren. De grondige professional hoeft niet minder grondig te worden. De betrokken collega hoeft zijn betrokkenheid niet kwijt te raken. En daadkracht blijft waardevol. Het gaat erom dat je meer mogelijkheden krijgt naast je vertrouwde reactie om uiteindelijk verder te komen. Afhankelijk van wat je wilt bereiken en wat belangrijk voor je is, kies je voor gedrag. Je neemt regie.
Ander gedrag vraagt oefening
Een patroon herkennen is het begin. Vervolgens moet nieuw gedrag ook worden geoefend. Onderzoek naar gewoontevorming laat zien dat dit tijd kost. In een studie varieerde de periode waarin nieuw gedrag steeds automatischer werd van 18 tot 254 dagen (Lally et al., 2010).
Het onderzoek ging over eenvoudige dagelijkse gewoontes, niet over complex gedrag op het werk. Het precieze aantal dagen is daarom minder interessant dan wat het laat zien: Gedragsverandering ontstaat niet in één moment.
Je probeert iets anders. Ervaart wat er gebeurt. Kijkt terug. Stuurt bij. En probeert het opnieuw. Langzaam maak je nieuwe gedrag je steeds meer eigen. Van automatisch reageren naar bewust handelen.
Bestaand gedrag heeft een voorsprong: je hebt het al veel vaker gedaan. Veranderen begint daarom bij bewustwording en krijgt vorm door oefenen, ervaren en bijsturen.
Hoe beter je je eigen patronen herkent, hoe meer keuze je krijgt in hoe je handelt.
En precies daar ontstaat ontwikkeling: je vertrouwde reactie is niet langer vanzelfsprekend de enige route.
Bronnen
Wood, W., Quinn, J.M. & Kashy, D.A. (2002). Habits in everyday life: Thought, emotion, and action. Journal of Personality and Social Psychology, 83(6), 1281–1297.
Webb, T.L. & Sheeran, P. (2006). Does changing behavioral intentions engender behavior change? A meta-analysis of the experimental evidence. Psychological Bulletin, 132(2), 249–268.
Neal, D.T., Wood, W. & Drolet, A. (2013). How do people adhere to goals when willpower is low? The profits (and pitfalls) of strong habits. Journal of Personality and Social Psychology, 104(6), 959–975.
Lally, P., Van Jaarsveld, C.H.M., Potts, H.W.W. & Wardle, J. (2010). How are habits formed: Modelling habit formation in the real world. European Journal of Social Psychology, 40(6), 998–1009.